It’s a small world
donderdag september 29th 2005, 2:18 pm
Geplaatst onder:
Stage New York
Nederlanders, je komt ze ook overal tegen! Zelfs bij de Department of Small Business Services. Dinsdag bracht een delegatie vanuit de gemeente Den Haag een bezoek aan SBS. De delegatie bestond o.a. uit de plaatsvervangend Directeur Voorlichting en Externe betrekkingen, Hoofd Economische Zaken, Willem Post, Hoofd van the Hague Hospitality Center en een Communicatieadviseur van Bureau Peter_Schuiten. Willem Post is bij sommigen ook wel bekend als Amerika deskundige, iemand die regelmatig door diverse media benaderd wordt om ‘Amerikaanse toestanden’ te duiden. De delegatie had zich opgesplitst; een tweede groep bezocht tegelijkertijd o.a. China Town. Na New York zou de voltallige delegatie ook Chicago en Washington aandoen. Doel van de reis is informatie verkrijgen over Business Improvement Districts (BID’s) en kijken of en zo ja op welke manier BID’s iets kunnen betekenen voor City Marketing.
Ik viel dus met mijn neus in de boter op mijn tweede dag. Ik mocht de hele dag met de delegatie op stap. Het ochtendprogramma bestond uit een presentatie van George Glatter, assistent Commissioner van de afdeling Neighborhood Development. In twee uur kregen we een uitleg over BID’s; het waarom en hoe. ’s Middags volgde een bezoek aan twee BID’s, de Downtown Alliance en de Village Alliance. Het contrast kon niet groter zijn: de Downtown Alliance, een hele grote BID, gevestigd in een imposant gebouw op de 33e verdieping, waar je zonder legitimatie niet binnenkomt. En dan de Village Alliance, een kleine BID in Greenwich Village waar de Executive Director zelf de deur opent om ons binnen te laten in haar krappe kantoor op de benedenverdieping.
Het jaarlijkse budget van de Downtown Alliance was in 2004 circa $ 20 miljoen, van de Village Alliance circa $ 500.000. Om het contrast nog verder te illustreren: de gratis shuttle bus van Park City naar South Street Seaport, die wordt onderhouden door de Downtown Alliance kost $ 1 miljoen per jaar. Dit is al meer dan het jaarlijkse budget van de Village Alliance.
Ook in de presentatie zaten verschillen. Het verhaal van William Bernstein, Senior Vice President van Downtown Alliance (voormalig hoge ambtenaar bij de gemeente), zat goed in elkaar; de professionaliteit van de organisatie was duidelijk zichtbaar. Honey Kline, Executive Director van de Village Alliance, bewoner van Greenwich Village vertelde haar verhaal levendiger en ging van de hak op de tak.
Wat ze samen delen is echter belangrijker dan de verschillen. Bij beide verhalen spatte het enthousiasme en de bevlogenheid er vanaf. Ze geloven in wat ze doen en gaan ervoor. Ze werken hard en zetten zich met hart en ziel in voor hun gebied. William Bernstein en Honey Kline zijn echte BID Believers.
Ozone Park
Mijn logeeradres is in Queens, in de buurt Ozone Park. Ik heb een appartement met eigen opgang, grenzend aan the main house. Dave is zo vriendelijk geweest zijn appartement te verhuren voor een zeer schappelijke prijs. Hij logeert nu in de kelder.
Ik vroeg aan Dave wat voor een buurt Ozone Park is. Een rustige woonbuurt was zijn antwoord. Er wonen veel West Indians, maar die proberen we uit onze straat te houden. Nu moet ik erbij vertellen dat Dave zelf West Indian is (oorspronkelijk komt hij uit Brits Gyuana), maar dit terzijde. Ja weet je, vervolgde hij, die West Indians zetten hun muziekinstallatie op onmogelijke tijden keihard aan. En wij moeten elke dag vroeg op om naar ons werk te gaan. Mijn Italiaans-Ierse buurman heeft de afgelopen tijd veel huizen opgekocht. Die verhuurt hij nu aan familieleden en vrienden.
In Nederland heeft de gemeente Rotterdam maatregelen bedacht om mensen met een bepaald inkomen uit bepaalde buurten te weren om zo een gewenste menging te krijgen. In Ozone Park hebben ze de overheid hier niet bij nodig; de bewoners doen het gewoon zelf.
Stage New York
Binnenkort vertrek ik naar New York; ik ga 4 weken stage lopen en onderzoek doen bij de gemeente New York, bij de Department of Small Business Services. Het onderwerp van mijn onderzoek is Business Improvement Districts en Empowerment Zones, oftewel respectievelijk de New Yorkse variant van Winkelstraatmanagement en Kansenzones.
Vorig jaar zijn we in Amsterdam-Noord met Winkelstraatmanagement begonnen. Het doel hiervan is de economische structuur van winkelgebieden versterken en het contact en de samenwerking te verbeteren tussen het stadsdeel, de winkeliersverenigingen en de vastgoedeigenaren. De winkelstraatmanager zorgt er o.a. voor dat er een officiële ondernemersvereniging wordt opgericht, adviseert de vastgoedeigenaar over invulling van vrijkomende winkelruimten. Ook zet hij zich in voor een goed functioneren van het winkelcentrum, o.a. promotieactiviteiten, zorgen dat winkeliers dezelfde winkeltijden hanteren, betere bewegwijzering naar het winkelcentrum etc.
In New York is al in de jaren 80 Winkelstraatmanagement in officiële wetgeving vastgelegd. Sinds 1984 maken steeds meer vastgoedeigenaren en winkeliers gebruik van Winkelstraatmanagement. In de praktijk lijkt het goed te werken. Waarom is Winkelstraatmanagement er zo succesvol? Is het wel echt succesvol? Wat zijn de verschillen tussen onze aanpak van Winkelstraatmanagement in vergelijking met de New Yorkse aanpak? Wat zijn de (formele en informele) bevoegdheden tussen de verschillende bestuurslagen? Hoe is de samenwerking tussen de gemeente New York en de stadsdelen op het gebied van Winkelstraatmanagement? Werken ze goed samen, of zijn er (verborgen) spanningen? Op deze en andere vragen hoop ik antwoord te krijgen tijdens mijn stage. Maar ook op banale vragen als: waar kan ik een Amerikaanse simkaart kopen voor mijn mobiele telefoon en werkt het wel? Waar vind ik de dichtstbijzijnde biologisch dynamische grocery store? En werken New Yorkse ambtenaren harder dan Amsterdamse ambtenaren?
Als de tijd en digitale faciliteiten het toelaten zal ik 1 keer per week een update plaatsen, waarop jullie (geïnteresseerde collega’s, familieleden en vrienden) kunnen reageren.
Farida